Gaat u werken, bent u 27 jaar of ouder en ontvangt u daarnaast een uitkering? Dan heeft u mogelijk recht op een vrijlating van uw inkomsten. Dit betekent dat wij niet alle inkomsten die u zelf verdient in mindering brengen op de uitkering. U hoeft deze vrijlating niet zelf bij RSD aan te vragen.

Er zijn 3 soorten vrijlatingen als u een bijstandsuitkering ontvangt:

  1. De algemene inkomstenvrijlating. Dit betekent dat een gedeelte van uw inkomsten niet van uw uitkering worden afgetrokken. En betekent dat u een deel van uw inkomsten mag houden. Deze vrijlating is 25% van de inkomsten uit arbeid, tot maximaal € 226,00 per maand. En duurt maximaal 6 maanden.
  2. De aanvullende inkomstenvrijlating voor een alleenstaande ouder. Deze vrijlating is 12,5% van de inkomsten uit arbeid tot maximaal € 141,12 per maand en duurt maximaal 30 aaneengesloten maanden. Dit geldt voor ouders met kinderen jonger dan 12 jaar.
  3. De inkomstenvrijlating voor medisch urenbeperkten. Deze vrijlating is 15% van de inkomsten uit arbeid tot maximaal € 143,12 per maand. Deze vrijstelling krijgt u alleen als op basis van een medisch advies is vastgesteld dat u niet volledig kunt werken door ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling.

Heeft u een Ioaw of een Ioaz uitkering?

Dan is inkomstenvrijlating 25% met een maximum van € 359,20 per maand.

Start u met (parttime) werk?

Dan bekijkt de RSD of het recht van inkomsten vrijlating op uw situatie van toepassing is. Is dit het geval, dan zorgt de RSD voor de vrijlating op uw inkomsten uit arbeid bij het berekenen van uw aanvullende uitkering.

Toelichting aanvullende inkomstenvrijlating

De aanvullende inkomstenvrijlating volgt op de algemene periode inkomstenvrijlating en is voor alleenstaande ouders die werken en die een kind of kinderen hebben die jonger dan 12 jaar zijn. Wordt uw (jongste) kind 12 jaar? Dan stopt het recht op deze aanvullende inkomstenvrijlating.